Dure auto's, jassen van alpacabont, exclusieve - fusion - hapjes en drankjes. Het was een waar feest.
Afgelopen zaterdag ben ik met mijn schoonfamilie naar de Mookerheide Fair geweest. De crème de la crème van (outdoor) living.
Naast alle prachtige hebbedingetjes die er te bewonderen (en uiteraard te koop) waren, werden er ook diverse demonstraties gegeven. Schapendrijven, Jack Russeltjes die met een sneltreinvaart een parcourtje afrennen, vliegvissen (hopelijk ben ik niet de enige die dacht dat dat vissen zijn die heel hoog uit het water kunnen springen waardoor het lijkt alsof ze vliegen..), een paard-en-wagen-parade, roofvogels: vervelen hoefde je je er zeker niet!
Maar eerlijk is eerlijk; het allerleukst om te aanschouwen tijdens zo'n fair zijn toch echt de bezoekers zelf.
Gekleed alsof ze naar een trouwerij gaan, liepen ze op hun meest chique hakschoentjes en slangenlederenlaarsjes door de modder, kritisch oordelend over de stands en de andere bezoekers. Want uiteraard is zo'n fair geplaatst rond een mooi landgoed, en tja, daar kan het nog wel eens drassig zijn.. Terwijl de op-hun-mooist-gekleedde-upperclass bijna onverstaanbaar wat mompelde in wannabe Gooisch tijdens het afdingen bij één van de stands - want dat doen ze, mensen met heel veel geld, afdingen - giechelde ik van binnen, dit mooie schouwspel gadeslaand.
Nu vind ik het soms lastig hoe ik de-mensen-met-veel-te-veel-geld moet interpreteren. Moet ik bewonderenswaardig zijn? Jaloers? Of juist neerbuigend? En geïrriteerd? Het beste is denk ik gewoon: ze niet als meer of minder beoordelen dan anderen. Klinkt logisch en het meest ethisch, maar stiekem blijkt dit best lastig..
Nu wil ik dit niet bekijken vanuit hoe ík anderen aanschouw, interpreteer en vervolgens in een hokje plaats (want ja, dat doen we stiekem allemaal écht wel), maar vanuit hoe anderen mij of jou beoordelen. In dit blog wil ik daarnaast geen moraal of wijze les overbrengen, maar jullie lezers een klein testje laten doen. Een in-hoeverre-beïnvloedt-de-manier-waarop-je-overkomt-op-anderen-de-manier-waarop-anderen-jou-beoordelen-testje.
Het gaat als volgt: draag de ene week je wat gemakkelijkere, niet te strak zittende kleding en trek je sneakers aan.
Ga hiermee naar werk, de kledingwinkel, de kapper, de dagopvang en doe in deze kleding je boodschappen.
Doe deze zelfde activiteiten de week erop ook, maar kleed je dan ontzettend netjes. Trek je hakjes aan, kies leuke bij-je-outfit-passende sieraden uit, sla een hip sjawltje om en kies voor nette, stijlvolle kleding.
Je zult merken dat je compleet anders behandeld wordt. En jawel, daar is tóch de beoordeling: hoe chiquer je gekleed gaat, hoe beter men je behandelt. Nu kun je dit natuurlijk ook wijten aan andere variabelen. Zo ga je onbewust automatisch rechterop en gracieuzer lopen op hakjes in nette kleding en ben je geneigd je wat slobberiger te gedragen in je spijkerbroek met sweatshirt. Maar dan nog; wil je beter behandeld worden, speel dan het spel mee van de upperclass.
Nee, mijn blog is nog niet voorbij. Ik merk dat ik het tóch niet kan laten er een moraal achter te plakken.
Dat spel móet je namelijk niet willen spelen. Blijf lekker jezelf en zorg dat je met ándere eigenschappen aanzien en respect verkrijgt; niet door je dure auto en bontkraagje. Laat alle uiterlijke opsmuk van je afvallen en laat de ander de echte jou kennen. Natuurlijk kun je dan nog steeds naar chique fairs en dergelijke, maar dan wel als jezelf! Pas dan voel je je echt zo vrij als een vis in de lucht (want ik blijf er stiekem toch in geloven dat vliegvissen bestaan)!
woensdag 23 oktober 2013
vrijdag 18 oktober 2013
Er was eens...
Er was eens...
Als ik ooit een biografie ga schrijven (wat tegenwoordig helemaal niet zo'n gek idee is: zie blog 1), dan begin ik hem met 'Er was eens...' Als je deze zin hoort wéét je gewoon dat er een mooi, diepgaand en boeiend verhaal achteraan komt. En niet zomaar een verhaal, nee, een sprookje.. Ik kan er uren naar luisteren. Ze zijn volgens mij altijd indrukwekkend, spannend, bevatten een overduidelijke moraal en eindigen altijd goed. Toch?
Nu blijkt dat de sprookjes waarmee ik ben opgegroeid, zoals De Kleine Zeemeermin, in de originele versie helemaal niet altijd een happy end hebben! Zo eindigt het meisje met de schelpenbikini niet gelukkig getrouwd met de prins, nee, ze lost op in zeeschuim omdat meneer de prins achter een ander vrouwtje aangaat! De klootzak...
Maar nee, ik wil geen verbitterd iemand zijn die niet meer gelooft in sprookjes. Sprookjes geven hoop en vreugde en zetten je aan tot nadenken of soms zelfs veranderingen in je (kijk op) leven.
Gelukkig zijn er ook nog genoeg mensen die er met mij net zo over denken. Zoals Arnhem. Of Arnerijntje moet ik dan eigenlijk zeggen; het prinsesje van het Sprookjesfestival in Arnhem.
Afgelopen zaterdag zijn mijn vriend en ik de stad Arnhem ingewandeld om 'op zoek te gaan naar de puntmuts van de kabouter': een gratis activiteit in het kader van dit Sprookjesfestival. Jawel, dé kabouter (?) was zijn puntmuts kwijt en diverse winkels hadden er één voor hem gemaakt en in hun etalage gezet. Aan ons de taak om de mooiste uit te kiezen voor meneer mini.
Nu waren de puntmutsen groot. Dan bedoel ik: past-op-een-gewone-mensen-hoofd-groot. Dit zorgde voor de nodige, grappige, verwarring bij de winkeliers. Enkelen beschouwden de standaard aangeleverde piepschuim cone niet als muts, maar als huisje van de kabouter! Dus werden er deurtjes en raampjes (met van die poezelige gordijntjes uiteraard, want die hebben kabouters) opgeplakt/ingevreesd/opgeverfd/etc. Maar de creaties waren over het algemeen heel mooi, origineel en winkelgerelateerd; het was een leuk dagje!
Dichtbij sprookjesstad Arnhem bleek ook zusje Nijmegen niet vreemd van sprookjes te zijn. Eergisteren bezocht ik samen met mijn moeder het poëziefestival Onbederf'lijk Vers, en ook hier maakten vele dichters verwijzingen naar onder andere Vrouw Holle en Repelsteeltje (uiteraard wel de ietwat meer 'sophisticated' sprookjes dus). Mijn eerste gedachte was: leuk, nóg meer mensen die net als ik ook van sprookjes houden! Maar meteen daarna realiseerde ik me.. Nee, al deze mensen houden niet gewoon van sprookjes, ze zijn op zóek naar sprookjes.
Want waar ís die wereld waarin prinsen op witte paarden vrouwen redden? Waar mensen wijze woorden van uilen, leeuwen of vissen aannemen? Je bij de eerste ontmoeting met iemand weet dat je voor elkaar gemaakt bent?
Die wereld lijkt er niet te zijn.
Tijdens de zoektocht naar een nieuwe puntmuts voor de kabouter liepen we ongeveer eenzelfde route als een 'gezinnetje': twee kinderen en een ietwat troosteloze vader die zich niet zo goed een houding wist te geven..
Sprookjes van nu: gescheiden ouders die er dan maar het beste van proberen te maken, door kinderen mee te nemen naar werelden die mooier lijken..
Maar nee, ik zou niet verbitterd gaan schrijven. Met dit blog wil ik geen treurig beeld oproepen, maar juist een ode brengen aan sprookjes. En echt waar, als je heel goed kijkt en heel goed luistert, is de wereld om je heen niets minder dan een sprookje. Elke dag wakker worden met de zon in je gezicht of een frisse herfstbries door je haar, lachende kinderen om je heen, oude, wijze mensen met mooie anekdotes van vroeger, huisdiertjes die je met één blik een heel verhaal kunnen vertellen.
Ook mijn komt-er-misschien-ooit-biografie zal dus zeker de term sprookje mogen hebben. Een mooi en spannend verhaal over een jong meisje dat heel veel meemaakt en toen gered werd door haar prins in z'n witte Seat.
En ze leefden nog lang en gelukkig.
Als ik ooit een biografie ga schrijven (wat tegenwoordig helemaal niet zo'n gek idee is: zie blog 1), dan begin ik hem met 'Er was eens...' Als je deze zin hoort wéét je gewoon dat er een mooi, diepgaand en boeiend verhaal achteraan komt. En niet zomaar een verhaal, nee, een sprookje.. Ik kan er uren naar luisteren. Ze zijn volgens mij altijd indrukwekkend, spannend, bevatten een overduidelijke moraal en eindigen altijd goed. Toch?
Nu blijkt dat de sprookjes waarmee ik ben opgegroeid, zoals De Kleine Zeemeermin, in de originele versie helemaal niet altijd een happy end hebben! Zo eindigt het meisje met de schelpenbikini niet gelukkig getrouwd met de prins, nee, ze lost op in zeeschuim omdat meneer de prins achter een ander vrouwtje aangaat! De klootzak...
Maar nee, ik wil geen verbitterd iemand zijn die niet meer gelooft in sprookjes. Sprookjes geven hoop en vreugde en zetten je aan tot nadenken of soms zelfs veranderingen in je (kijk op) leven.
Gelukkig zijn er ook nog genoeg mensen die er met mij net zo over denken. Zoals Arnhem. Of Arnerijntje moet ik dan eigenlijk zeggen; het prinsesje van het Sprookjesfestival in Arnhem.
Afgelopen zaterdag zijn mijn vriend en ik de stad Arnhem ingewandeld om 'op zoek te gaan naar de puntmuts van de kabouter': een gratis activiteit in het kader van dit Sprookjesfestival. Jawel, dé kabouter (?) was zijn puntmuts kwijt en diverse winkels hadden er één voor hem gemaakt en in hun etalage gezet. Aan ons de taak om de mooiste uit te kiezen voor meneer mini.
Nu waren de puntmutsen groot. Dan bedoel ik: past-op-een-gewone-mensen-hoofd-groot. Dit zorgde voor de nodige, grappige, verwarring bij de winkeliers. Enkelen beschouwden de standaard aangeleverde piepschuim cone niet als muts, maar als huisje van de kabouter! Dus werden er deurtjes en raampjes (met van die poezelige gordijntjes uiteraard, want die hebben kabouters) opgeplakt/ingevreesd/opgeverfd/etc. Maar de creaties waren over het algemeen heel mooi, origineel en winkelgerelateerd; het was een leuk dagje!
Dichtbij sprookjesstad Arnhem bleek ook zusje Nijmegen niet vreemd van sprookjes te zijn. Eergisteren bezocht ik samen met mijn moeder het poëziefestival Onbederf'lijk Vers, en ook hier maakten vele dichters verwijzingen naar onder andere Vrouw Holle en Repelsteeltje (uiteraard wel de ietwat meer 'sophisticated' sprookjes dus). Mijn eerste gedachte was: leuk, nóg meer mensen die net als ik ook van sprookjes houden! Maar meteen daarna realiseerde ik me.. Nee, al deze mensen houden niet gewoon van sprookjes, ze zijn op zóek naar sprookjes.
Want waar ís die wereld waarin prinsen op witte paarden vrouwen redden? Waar mensen wijze woorden van uilen, leeuwen of vissen aannemen? Je bij de eerste ontmoeting met iemand weet dat je voor elkaar gemaakt bent?
Die wereld lijkt er niet te zijn.
Tijdens de zoektocht naar een nieuwe puntmuts voor de kabouter liepen we ongeveer eenzelfde route als een 'gezinnetje': twee kinderen en een ietwat troosteloze vader die zich niet zo goed een houding wist te geven..
Sprookjes van nu: gescheiden ouders die er dan maar het beste van proberen te maken, door kinderen mee te nemen naar werelden die mooier lijken..
Maar nee, ik zou niet verbitterd gaan schrijven. Met dit blog wil ik geen treurig beeld oproepen, maar juist een ode brengen aan sprookjes. En echt waar, als je heel goed kijkt en heel goed luistert, is de wereld om je heen niets minder dan een sprookje. Elke dag wakker worden met de zon in je gezicht of een frisse herfstbries door je haar, lachende kinderen om je heen, oude, wijze mensen met mooie anekdotes van vroeger, huisdiertjes die je met één blik een heel verhaal kunnen vertellen.
Ook mijn komt-er-misschien-ooit-biografie zal dus zeker de term sprookje mogen hebben. Een mooi en spannend verhaal over een jong meisje dat heel veel meemaakt en toen gered werd door haar prins in z'n witte Seat.
En ze leefden nog lang en gelukkig.
zaterdag 5 oktober 2013
Fun with Fabrics - part 2
Gisteren een bezoekje aan de Woonbeurs in de Rai te Amsterdam gebracht. Denk er al jaren aan daar eens heen te gaan, want ik ben altijd wel benieuwd naar hippe meubels, nieuwe trends in interieur en creatieve ideeën voor mijn eigen paleisje.
Dit jaar was het ook wel erg lastig er níet heen te gaan. De gratis kaarten werden met bosjes weggegeven bij woonbladen. Meteen handig; want nu kon ik me, voordat ik op de Woonbeurs zelf was, al een beetje inlezen in de nieuwe trends. Nu moet ik zeggen.. ik hou niet zo van trends. Kant-en-klare 13 in een dozijn tijdelijke dingen die iedereen dan opeens in zijn huis heeft, terwijl men eigenlijk niet eens weet hóe de trends echt in huis verwerkt moet worden..
Neem nou de 'decoratieve tape'. Het idee is: plak foto's en printjes met leuke teksten met decoratief tape 'heel nonchalant' op de muur. Nou volgen velen deze trend. Maar ze lijken niet door te hebben dat die tape alleen tot zijn recht komt, als de rest van je huis superdesign, zeer strak en übernetjes is! Zo niet, dan is het meer een kwestie van "Goh, moet je nog lijstjes kopen...?"
Heel genant dus. Snel over naar de volgende trend: versletenheid. Heb je net met moeite je meubels, waarvan de bekleding zo goed als weggevaagd, stug en verdwenen is, verkocht of zelfs weggegeven via Marktplaats, komt het weer in de mode! En dat brengt ons bij het tweede stofje dat we gaan behandelen: vintage velours.
Dit jaar was het ook wel erg lastig er níet heen te gaan. De gratis kaarten werden met bosjes weggegeven bij woonbladen. Meteen handig; want nu kon ik me, voordat ik op de Woonbeurs zelf was, al een beetje inlezen in de nieuwe trends. Nu moet ik zeggen.. ik hou niet zo van trends. Kant-en-klare 13 in een dozijn tijdelijke dingen die iedereen dan opeens in zijn huis heeft, terwijl men eigenlijk niet eens weet hóe de trends echt in huis verwerkt moet worden..
Neem nou de 'decoratieve tape'. Het idee is: plak foto's en printjes met leuke teksten met decoratief tape 'heel nonchalant' op de muur. Nou volgen velen deze trend. Maar ze lijken niet door te hebben dat die tape alleen tot zijn recht komt, als de rest van je huis superdesign, zeer strak en übernetjes is! Zo niet, dan is het meer een kwestie van "Goh, moet je nog lijstjes kopen...?"
Heel genant dus. Snel over naar de volgende trend: versletenheid. Heb je net met moeite je meubels, waarvan de bekleding zo goed als weggevaagd, stug en verdwenen is, verkocht of zelfs weggegeven via Marktplaats, komt het weer in de mode! En dat brengt ons bij het tweede stofje dat we gaan behandelen: vintage velours.
Nu vind ik de term 'vintage' sowieso al een beetje lastig. Je weet namelijk niet altijd of het écht tweedehands betreft of een gemaakte vintage-look. Zelfde probleem heeft de term 'brocante'.
Gelukkig is er dan altijd nog de prijs, die vaak wat meer duidelijkheid geeft..
Gelukkig is er dan altijd nog de prijs, die vaak wat meer duidelijkheid geeft..
Maar goed, terug naar vintage velours. Vintage velours (naar de Franse naam voor fluweel) wordt geweven in 2 lagen waarbij het poolgaren de twee lagen aan elkaar linkt. Scheiding van de 2 lagen gebeurt op weefgetouwen door een vlijmscherp mes. Hierdoor voelt het weefseloppervlak zacht aan en heeft een matte glans. De grondstof kan katoen, wol, mohair of synthetisch zijn. (Bron: Wikipedia)
Hoe ze nu precies dat velours weer oud en versleten maken weet ik niet, maar - om weer even terug te komen op de prijs - het is blijkbaar reden genoeg om wat extra nulletjes achter de prijs te plaatsen.. Inderdaad, ik ben gister (afgezien van vele folders en gratis pennen) met lege handen thuisgekomen..
Maar wat ik hiermee aan wil geven: ook wat zulke gerafelde, pardon, geraffineerde meubelen betreft; zij komen ook pas tot hun recht in een net en strak interieur. Mijn pleidooi dus voor vandaag: koop vooral géén dure nieuwe meubels, maar kijk eens kritisch naar je huis. Gooi al die frutsels uit de open kast en op de vensterbank weg (of - laten we eerlijk wezen; weggooien doen wij Nederlands niet snel - zet ze in de kelder of uit het zicht) en zet je oude versleten bank in de spotlight! Laat je kind met stiften wat kleuren op schilderstape en plak deze vervolgens lukraak op de muur.
Maar wat ik hiermee aan wil geven: ook wat zulke gerafelde, pardon, geraffineerde meubelen betreft; zij komen ook pas tot hun recht in een net en strak interieur. Mijn pleidooi dus voor vandaag: koop vooral géén dure nieuwe meubels, maar kijk eens kritisch naar je huis. Gooi al die frutsels uit de open kast en op de vensterbank weg (of - laten we eerlijk wezen; weggooien doen wij Nederlands niet snel - zet ze in de kelder of uit het zicht) en zet je oude versleten bank in de spotlight! Laat je kind met stiften wat kleuren op schilderstape en plak deze vervolgens lukraak op de muur.
Dankjewel Woonbeurs; ik kan weer trendy het komende seizoen in!
maandag 30 september 2013
Vandaag ben ik...
Compleet zonder verwachtingen ben ik gisteravond naar het Nationaal Film Festival Jong Talent gegaan: Een doorlopend filmprogramma bestaande uit korte en wat langere films; zowel speelfilmpjes als animatiefilmpjes en documentairetjes. Mijn moeder nodigde me uit en ach, ik had toch geen andere plannen voor deze zondagavond.
Na een reeds actieve dag vol indrukken van het World Statues festival in Arnhem, stapte ik tegen 18.00 uur in de trein richting Nijmegen. Ik wilde niet te laat komen, want ondanks dat mam zondag nog had kunnen reserveren, verwachte ik een zeer volle zaal. Nijmegen staat immers bekend als culturele, creatieve studentenstad en welke student wil er nou niet naar een, nota bene gratis, nationaal filmevenement!
Nou, geen één dus! Viel me dat even tegen: we waren de enige twee bezoekers in de bioscoop voor deze films! Eigenlijk moet ik zeggen: dat viel me juist reuze mee, want we hadden nu de hele zaal voor onszelf, hoefden ons dus niet aan anderen te irriteren (of zij aan ons..), konden direct onbeschaamd ons oordeel over de films met elkaar delen en voelden ons daardoor eventjes echte Nationaal Film Festival VIPs!
Wat de films betreft: ik wilde openminded de films aanschouwen, dus had nog niks aan plots of recensies gelezen. Wat ons direct opviel: van de 6 films die we gezien hebben, gingen er maar liefst 2 over 'het leven van de hooligan'! Erg indrukwekkend; ik was verbijsterd over hoe hard en meedogenloos het er daar aan toe gaat! Wat ik me tijdens het kijken naar die hooligans tevens af begon te vragen, was of die acteurs 'in het echt' óók hooligan zijn. Zo leek het namelijk wel. De tattooages van de voetbalclubs oogden echt, het voorkomen, het taaltje..
Na een reeds actieve dag vol indrukken van het World Statues festival in Arnhem, stapte ik tegen 18.00 uur in de trein richting Nijmegen. Ik wilde niet te laat komen, want ondanks dat mam zondag nog had kunnen reserveren, verwachte ik een zeer volle zaal. Nijmegen staat immers bekend als culturele, creatieve studentenstad en welke student wil er nou niet naar een, nota bene gratis, nationaal filmevenement!
Nou, geen één dus! Viel me dat even tegen: we waren de enige twee bezoekers in de bioscoop voor deze films! Eigenlijk moet ik zeggen: dat viel me juist reuze mee, want we hadden nu de hele zaal voor onszelf, hoefden ons dus niet aan anderen te irriteren (of zij aan ons..), konden direct onbeschaamd ons oordeel over de films met elkaar delen en voelden ons daardoor eventjes echte Nationaal Film Festival VIPs!
Wat de films betreft: ik wilde openminded de films aanschouwen, dus had nog niks aan plots of recensies gelezen. Wat ons direct opviel: van de 6 films die we gezien hebben, gingen er maar liefst 2 over 'het leven van de hooligan'! Erg indrukwekkend; ik was verbijsterd over hoe hard en meedogenloos het er daar aan toe gaat! Wat ik me tijdens het kijken naar die hooligans tevens af begon te vragen, was of die acteurs 'in het echt' óók hooligan zijn. Zo leek het namelijk wel. De tattooages van de voetbalclubs oogden echt, het voorkomen, het taaltje..
Stel, de acteurs zíjn ook echt (wellicht wat minder extreem) hooligan/voetbalfanaat: hoe is het dan om er zo één te spélen? En hoe reageren je bijbehorende 'maten' daarop? Speel je jezelf of speel je een uitvergroting van jezelf? Waar ligt de grens tussen natuurgetrouw acteren of iets dusdanig neerzetten dat het belachelijk maken wordt? Neem je jezelf normaliter dan wel serieus of zie je je 'karakter' juist als een uitlaatklep? Acteren wij niet allemaal in het dagelijks leven? Nemen wij geen specifieke rollen aan, afhankelijk van de betreffende situatie? Hoe dicht staan we dan nog bij onze aard? Wie zijn we eigenlijk..?
Ok Paula, rustig aan nu, het is pas maandagochtend. Nog een hele dag, hele week en heel leven te gaan. Tijd genoeg dus om te achterhalen wie we écht zijn. Maar ik weet in elk geval wél dat ik in dit leven vaker naar korte films ga kijken. Geeft (blijkbaar..) veel stof tot nadenken!
Hm, stof.. Daar wijd ik m'n volgende blog wel weer aan!
maandag 23 september 2013
Aap-noot-mies?
"Poes begint met een puh".
Ja, lees die zin nog maar eens.. Dat is even schrikken hè! Tenminste, ik ga er vanuit dat deze zin iedereen boven.. een bepaalde leeftijd, zijn of haar wenkbrauwen eventjes laat fronsen. Dat gebeurde bij mij namelijk ook toen ik een kleuter deze uitspraak hoorde doen. Wat mijn gelaat helemaal uit z'n pasvorm trok was nota bene de prijzende en lovende reactie van de ouders van de betreffende kleuter! "Goed zo, Jayloreno!", of een andere moderne-hippe-niet-uit-te-spreken-naam..
Verbijsterd als ik was: ik moest hier het mijne van weten. Dus ik ging te rade bij vriendinnen en collega's. Zij-die-met-kinderen-leven keken mij ietwat schaapachtig aan, want deze nieuwe manier van letters leren blijkt al enige tijd gebruikelijk te zijn. 'Leeuw begint met een llll, olifant begint met een ò, varken begint met een vvvv, kraanvogel begint met een ke'. Het is niet eens goed te typen, de uitspraak van een ká tegenwoordig!
Op werk moet ik regelmatig spellen, om namen of postcodes te controleren, en ik doe dat dan op de traditionele manier: "De Bé van Bernard en de Vé van Victor?" Maar nu begin ik me af te vragen of we in de nabije toekomst niet over moeten schakelen op de nieuwe manier. "De Buh van Bernard...?" Ik hoop van niet..
Over nieuwe manieren van taalkundig onderwijs gesproken: ik weet nog goed dat in mijn basisschooljaren net een nieuwe manier van woorden leren zijn intrede had gedaan. Alwaar kinderen voorheen netjes het oeroude aap-noot-mies op konden dreunen, waren de eerste woorden die ik officieel op school leerde: ik-maan-vis.
Hoe ontzettend ik me daarover kon opwinden! Ten eerste vanwege dat 'ik'. Het eerste woord dat je officieel leert schrijven: 'ik'. En dan nóg vragen mensen zich af hoe we in zo'n individualistische maatschappij terecht zijn gekomen.. Daarnaast kon ik er met m'n kop niet bij dat maar liefst twee van de eerste drie woordjes die ik leerde dezelfde uitspraak hadden! Beide met een i! Hoe dubbelop!
Hm, ik merk dat de frustratie van toen weer in m'n vingers begint te kruipen. M'n kat laat al ietwat chagrijnig weten dat ik harder op het toetsenbord begin te rammen.. M'n kat. Kat is met een kaaaaaa. Vroeger, nu en wat mij betreft ook in de verre toekomst. Ik ga niet anders gebruiken!
Lekker puh..
Ja, lees die zin nog maar eens.. Dat is even schrikken hè! Tenminste, ik ga er vanuit dat deze zin iedereen boven.. een bepaalde leeftijd, zijn of haar wenkbrauwen eventjes laat fronsen. Dat gebeurde bij mij namelijk ook toen ik een kleuter deze uitspraak hoorde doen. Wat mijn gelaat helemaal uit z'n pasvorm trok was nota bene de prijzende en lovende reactie van de ouders van de betreffende kleuter! "Goed zo, Jayloreno!", of een andere moderne-hippe-niet-uit-te-spreken-naam..
Verbijsterd als ik was: ik moest hier het mijne van weten. Dus ik ging te rade bij vriendinnen en collega's. Zij-die-met-kinderen-leven keken mij ietwat schaapachtig aan, want deze nieuwe manier van letters leren blijkt al enige tijd gebruikelijk te zijn. 'Leeuw begint met een llll, olifant begint met een ò, varken begint met een vvvv, kraanvogel begint met een ke'. Het is niet eens goed te typen, de uitspraak van een ká tegenwoordig!
Op werk moet ik regelmatig spellen, om namen of postcodes te controleren, en ik doe dat dan op de traditionele manier: "De Bé van Bernard en de Vé van Victor?" Maar nu begin ik me af te vragen of we in de nabije toekomst niet over moeten schakelen op de nieuwe manier. "De Buh van Bernard...?" Ik hoop van niet..
Over nieuwe manieren van taalkundig onderwijs gesproken: ik weet nog goed dat in mijn basisschooljaren net een nieuwe manier van woorden leren zijn intrede had gedaan. Alwaar kinderen voorheen netjes het oeroude aap-noot-mies op konden dreunen, waren de eerste woorden die ik officieel op school leerde: ik-maan-vis.
Hoe ontzettend ik me daarover kon opwinden! Ten eerste vanwege dat 'ik'. Het eerste woord dat je officieel leert schrijven: 'ik'. En dan nóg vragen mensen zich af hoe we in zo'n individualistische maatschappij terecht zijn gekomen.. Daarnaast kon ik er met m'n kop niet bij dat maar liefst twee van de eerste drie woordjes die ik leerde dezelfde uitspraak hadden! Beide met een i! Hoe dubbelop!
Hm, ik merk dat de frustratie van toen weer in m'n vingers begint te kruipen. M'n kat laat al ietwat chagrijnig weten dat ik harder op het toetsenbord begin te rammen.. M'n kat. Kat is met een kaaaaaa. Vroeger, nu en wat mij betreft ook in de verre toekomst. Ik ga niet anders gebruiken!
Lekker puh..
maandag 16 september 2013
Fun with Fabrics - part 1
Hier geniet ik dus echt van: de stiekem naderende Herfst.
Het zonnetje dat zich zachtjes nog op je wangen laat landen, terwijl er af en toe al wat regendruppeltjes je kapsel of kleding proberen te verknallen.. Bomen die nog wat enthousiaste groene bladeren hebben, maar ook al wat bruine, afvallende blaadjes tonen. Cafeetjes die al steeds vaker van die heerlijke warme fleecedekentjes over de terrasstoeltjes hebben hangen. Die heerlijke geur van pasgevallen regen en ontluikende kou. Vroeg de gordijnen dicht en lekker warm tegen elkaar aan op de bank tv kijken, wanneer buiten het onweer de race aangaat met de donder.
Met dat tv kijken moet het sowieso wel goed komen in de herfst. Eind september starten namelijk (in Amerika in elk geval) de nieuwe seizoenen van mijn favoriete series weer! Nu wil ik geen blog vol schrijven over mijn favo series en over welke afleveringen ook alweer zo leuk waren, maar ik wil wél een link leggen tussen één van deze series en mijn hobby interieur. Nu zal lang niet iedereen (hint: op enkele geeks na) weten naar welke serie ik verwijs, maar ik zal zo nu en dan een blog gaan schrijven over het wat wel en wat niet te doen met bepaalde stoffen. Kortom, fun with fabrics!
Het zonnetje dat zich zachtjes nog op je wangen laat landen, terwijl er af en toe al wat regendruppeltjes je kapsel of kleding proberen te verknallen.. Bomen die nog wat enthousiaste groene bladeren hebben, maar ook al wat bruine, afvallende blaadjes tonen. Cafeetjes die al steeds vaker van die heerlijke warme fleecedekentjes over de terrasstoeltjes hebben hangen. Die heerlijke geur van pasgevallen regen en ontluikende kou. Vroeg de gordijnen dicht en lekker warm tegen elkaar aan op de bank tv kijken, wanneer buiten het onweer de race aangaat met de donder.
Met dat tv kijken moet het sowieso wel goed komen in de herfst. Eind september starten namelijk (in Amerika in elk geval) de nieuwe seizoenen van mijn favoriete series weer! Nu wil ik geen blog vol schrijven over mijn favo series en over welke afleveringen ook alweer zo leuk waren, maar ik wil wél een link leggen tussen één van deze series en mijn hobby interieur. Nu zal lang niet iedereen (hint: op enkele geeks na) weten naar welke serie ik verwijs, maar ik zal zo nu en dan een blog gaan schrijven over het wat wel en wat niet te doen met bepaalde stoffen. Kortom, fun with fabrics!
We beginnen met het oh zo ouwelijke en afgrijselijke tweed. Tenminste, dat was mijn mening. Of is, daar ben ik nog niet helemaal over uit. Maar de reden waarom ik tweed kies, is omdat dat sowieso heel herfstig is en omdat afgelopen weekend in het AD weekendmagazine stond dat tweed een trend wordt. Ze hadden het hier dan wel over kleding, maar dat is qua textielgebruik maar een kleine stap verwijderd van interieur. Ik ben nu dus wel benieuwd of tweed ook in interieur de komende trend kan zijn..
Wat is tweed eigenlijk? 'Tweed is een grove, wollen stof uit Groot-Brittannië. De stof ontleent zijn naam aan de streek waar het voor het eerst werd geproduceerd; langs de rivier de Tweed. Tweed vertoont een schuine keperlijn en wordt, uit geverfde garens, zeer dicht en hecht geweven. Het is dan ook goed wind- en waterwerend.'
Wat is tweed eigenlijk? 'Tweed is een grove, wollen stof uit Groot-Brittannië. De stof ontleent zijn naam aan de streek waar het voor het eerst werd geproduceerd; langs de rivier de Tweed. Tweed vertoont een schuine keperlijn en wordt, uit geverfde garens, zeer dicht en hecht geweven. Het is dan ook goed wind- en waterwerend.'
(Bron: Wikipedia)
Als kleding heel erg geschikt voor in de herfst dus. Maar in het interieur biedt het ook zeker mogelijkheden. Bijvoorbeeld als bekleding van de krabpaal: dat geweven stofje moet hemels zijn voor kattennagels! Nee, zonder gekkigheid; als je van een old-English stijl houdt, kan tweed ook zeker jouw trend zijn in de wereld van interieurs! Plaids voor op bed of over de bank voor een huiselijke sfeer, stijlvolle hoesjes voor om de poef heen, wandkleden om de kamer wat diepgang te geven.. Tweed biedt zeker zo zijn mogelijkheden!
Echter, ondanks dat ik denk dat tweed voor een select groepje fans zeker interessant kan zijn, zal ik het wellicht nooit als kussenhoesje of kleding gaan gebruiken. Nee, het is en blijft niet mijn ding. Mij te ouderwets en te stug. Alhoewel.. Terwijl iedereen, waaronder ik, er straks wellicht verlept bijloopt vanwege die creëert-pluisjes-in-je-haren-en-kleding-regen, wandelen die tweeddragers er in de herfst blijkbaar nog strak in het pak bij! Hm, bij nader inzien: ik blijf deze herfst wel thuis.. Lekker droog op de bank series kijken!
vrijdag 6 september 2013
What's in a name?
Leuk! 'Hoe heurt het eigenlijk' met Jort Kelder is weer gestart. Soms hilarisch, soms jaloersmakend, soms zorgwekkend kijkvermaak over 'de welgestelde mens'. Beetje à la Gert-Jan Dröges Glamourland. Heerlijk!
Wat direct opvalt tijdens dit programma is dat die welgestelde mensen allemaal de prachtigste voor- en achternamen hebben. Minimaal drie lettergrepen of met een hoop van-den-der-etjes ertussen. En het zal zeker wel eens ontkend worden, maar je naam heeft wel degelijk invloed. Iemand die solliciteert naar een 'belangrijke hoge functie' (wat dat dan precies moet zijn, daar schrijf ik nog wel een keer een blog over..) met de naam Egbert-Willem van den Draekenvleughel zal denk ik toch iets meer overwogen worden aan te nemen dan Henk Jansen. Of het moet toevallig Hank Jhanzsen zijn of zo..
Maar hoe mooi een naam ook kan zijn; eigenlijk gebruik je namen in het dagelijks spreekverkeer maar bar weinig. Probeer het maar eens te tellen op een gemiddelde dag. Eigenlijk gebruik ik namen alleen bij onbekenden of als ik naar iemand op zoek ben. "Meneer Gijsberts? Neemt u daar maar even plaats", "Is Toon ook aanwezig?", "Zou ik mevrouw Klaassen mogen spreken?", "Heb je Marie nog gezien?"
Bij gewone uitlatingen als "Mag ik het zout?" of "Ik heb een zware, lange dag gehad" hoef je de ontvanger niet persoonlijk toe te spreken. Je richt je vraag immers al bewust aan iemand. De zin gaat daarnaast over jezelf, over hetgeen dat jij op jouw broodje ei wilt doen of over hoe jij jouw dag hebt ervaren. Dus iemand anders daar letterlijk bij betrekken lijkt niet nodig. Maar nee, sommige mensen gebruiken dan alsnog graag een naam.
"Mag ik het zout, Toon?"
"Marie, ik heb een zware, lange dag gehad".
Oplettende lezers merken meteen het verschil. Eén klein woordje en de gewone zinnen veranderen lichtjes in verwijtende geboden of verzoeken tot hulp of rust.
Namen gebruiken betekent dus direct de uitlating een zwaardere duiding geven. Maar dit taalkundige eigenaardigheidje geldt gelukkig ook voor lieve uitspraken.
"Ik hou van jou, Toon" en "Ik ook van jou, Marie" klinkt toch een stuk persoonlijker en betekenisvoller dan het ontelbaar uitgesproken "Ik hou van jou". Dus met een beetje beleid kan het gebruik van namen in het spreekverkeer wel degelijk op een positieve manier invloed hebben. En zo heurt het!
Wat direct opvalt tijdens dit programma is dat die welgestelde mensen allemaal de prachtigste voor- en achternamen hebben. Minimaal drie lettergrepen of met een hoop van-den-der-etjes ertussen. En het zal zeker wel eens ontkend worden, maar je naam heeft wel degelijk invloed. Iemand die solliciteert naar een 'belangrijke hoge functie' (wat dat dan precies moet zijn, daar schrijf ik nog wel een keer een blog over..) met de naam Egbert-Willem van den Draekenvleughel zal denk ik toch iets meer overwogen worden aan te nemen dan Henk Jansen. Of het moet toevallig Hank Jhanzsen zijn of zo..
Maar hoe mooi een naam ook kan zijn; eigenlijk gebruik je namen in het dagelijks spreekverkeer maar bar weinig. Probeer het maar eens te tellen op een gemiddelde dag. Eigenlijk gebruik ik namen alleen bij onbekenden of als ik naar iemand op zoek ben. "Meneer Gijsberts? Neemt u daar maar even plaats", "Is Toon ook aanwezig?", "Zou ik mevrouw Klaassen mogen spreken?", "Heb je Marie nog gezien?"
Bij gewone uitlatingen als "Mag ik het zout?" of "Ik heb een zware, lange dag gehad" hoef je de ontvanger niet persoonlijk toe te spreken. Je richt je vraag immers al bewust aan iemand. De zin gaat daarnaast over jezelf, over hetgeen dat jij op jouw broodje ei wilt doen of over hoe jij jouw dag hebt ervaren. Dus iemand anders daar letterlijk bij betrekken lijkt niet nodig. Maar nee, sommige mensen gebruiken dan alsnog graag een naam.
"Mag ik het zout, Toon?"
"Marie, ik heb een zware, lange dag gehad".
Oplettende lezers merken meteen het verschil. Eén klein woordje en de gewone zinnen veranderen lichtjes in verwijtende geboden of verzoeken tot hulp of rust.
Namen gebruiken betekent dus direct de uitlating een zwaardere duiding geven. Maar dit taalkundige eigenaardigheidje geldt gelukkig ook voor lieve uitspraken.
"Ik hou van jou, Toon" en "Ik ook van jou, Marie" klinkt toch een stuk persoonlijker en betekenisvoller dan het ontelbaar uitgesproken "Ik hou van jou". Dus met een beetje beleid kan het gebruik van namen in het spreekverkeer wel degelijk op een positieve manier invloed hebben. En zo heurt het!
Abonneren op:
Posts (Atom)